Interim schoolleider – Bruggenbouwer

Volgens het woordenboek betekent ‘interim’: ‘tijdelijk’ of ‘tussentijds’. Dit impliceert dat interim een ‘eertijds’ kent, maar ook een ‘hiernamaals’. Een periode waarin een interim schoolleider 1 op een school aanwezig is, wordt dus voorafgegaan door een periode ervoor en opgevolgd door een periode erna. De interim schoolleider legt een brug over de kloof tussen de vroegere en de toekomstige situatie.

Nu is de brug niet ingeklemd tussen beide oevers. De beide uiteinden rusten erop, zijn verankerd met beide zijden. Ze wortelen in beide oevers. Zo kan het verkeer via de brug van de ene naar de andere zijde oversteken. De interim schoolleider sluit aan bij waar de school in haar ontwikkeling gebleven is met het vertrek van de vorige schoolleider. De ontwikkeling van verschillende scholen is uiteenlopend. De ene school heeft zich ontwikkeld tot een brede zorgschool, de andere school legt de nadruk op het belang van muziek voor de ontwikkeling van de kinderen, weer een andere school heeftft het predicaat ‘zwakke school’
gekregen (of dreigt dit te krijgen). De interim schoolleider komt ook op scholen die stilstaan in ontwikkeling. En dan heb ik het nog niet over scholen met verschillende afdelingen die zich los van elkaar ontwikkelen.

Dat is de ene oever, waarop de brug moet gaan rusten. Het is heel verleidelijk om het direct over de andere oever te gaan hebben. Brug erover en klaar…! Dat is ook het beeld dat men vaak heeft van de interimmer die ‘even komt zeggen hoe het moet’. Hij stelt een plan van aanpak op en vertelt hierin hoe het vooraf vastgestelde doel bereikt wordt. De resultaten hebben aan het einde van de interim periode een hoge vlucht genomen. Of laten we in ieder
geval reëel blijven: de resultaten vertonen een stijgende lijn.

Het Rijnlandse model

Dit Anglo-Amerikaanse managementmodel heeft het decennia gedaan. En nog wordt het – al dan niet bewust – aangehangen. Maar is het wel zo effectief? Of, moderner gezegd, is het een duurzaam model? Als interim schoolleiders van ECM dialoog kiezen we liever voor het Rijnlandse model.2 Hierin staat niet de opbrengst centraal, maar het welbevinden. Belangrijke vraag bij het aantreden
van de interim schoolleider is daarom: hoe is het gesteld met het welbevinden van de mensen op de werkvloer? Wat houdt hen bezig? Wat willen zij graag bereiken? Welke hindernissen ondervinden ze daarbij? We staan niet direct met een brug klaar, maar verkennen eerst de oever vanwaar we oversteken.

Leergemeenschap

De interim schoolleider brengt in beeld wie de mensen uit het team zijn, waar hun kracht ligt, wat hun missie is. Ook de mate van solidariteit binnen het team wordt onderzocht. Is er sprake van een werkgemeenschap? Kunnen we de term ‘professionele leergemeenschap’ hanteren voor dit team?
Waarom die aandacht voor de mensen van de (school) organisatie? Het antwoord vinden we in de slogan van ECM dialoog: ‘Het zijn de mensen die de organisatie maken’. Een organisatie, of het nu een school is of een bedrijf, is een zwakke organisatie als alleen de directeur het voor het zeggen heeft , de doelen bepaalt en het geheel coördineert. Vertrekt de directeur, dan gaat de hele organisatie onderuit. En is de directeur wel degene die het altijd weet?

Wie het weet…

Binnen het Rijnlands model staat de quote hoog in het vaandel: ‘Wie het weet, mag het zeggen’. Binnen de organisatie werken professionals met kennis en ervaring. Het is een gemiste kans als we die niet exploreren. Bovendien doet het team met veel meer passie zijn werk als het professionele ruimte ervaart om te doen waar men goed in is. En verschil mag er zijn. Het welbevinden van het team neemt hiermee toe. Vanuit de passie en de energie die zo ontstaat, kun je naar prestatie gaan.

En prestatie is nodig! Een brug op zijn plaats leggen is een hele operatie en vergt voorbereiding. Maar ook draagkracht. De directeur ontwikkelt dus niet alleen het plan van aanpak om aan de overkant te komen en de ontwikkeling te bereiken. Solidair aan elkaar, met een gedeelde ambitie, gebruikmakend van ieders vakmanschap, wordt er een plan ontwikkeld, worden er doelen gesteld. Doet de directeur dit alleen, omdat hij (of zij) het weet, dan is de kans aanwezig
dat hij de brug heeft gelegd, vertrekt en dat vervolgens de oever aan de overkant in elkaar zakt. Als er een team achterblijft dat hetzelfde doel voor ogen heeft , gebruik maakt van dezelfde elementen en energie losmaakt, onafhankelijk van de schoolleider, dan ligt de brug stevig. Op die manier doet de interim schoolleider zijn naam eer aan. Hij verbindt in het heden het verleden met de toekomst.